Perzische tapijten
Ik weet niet hoe het met jou zit, maar als het woord ‘Perzië’ valt, denk ik aan de wenslamp, karavanen en vliegende tapijten. Perzië zelf was voor mij tot voor enkele jaren een plek uit mijn fantasie. Inmiddels weet ik dat dit gebied in het huidige Iran ligt en tot 1935 het ‘Perzische Rijk’ werd genoemd. Deze multinationale staat herbergt echter nog veel andere bevolkingsgroepen dan de Perzen, die al eeuwenlang beroemd zijn om hun tapijten. De oudste bewaard gebleven Perzische tapijten dateren uit de tijd vóór de 11e eeuw.
De vervaardiging van Perzische tapijten
Het zware weefsel wordt voornamelijk met twee verschillende soorten knopen geknoopt. Afhankelijk van het feit of er bij de vervaardiging symmetrische of asymmetrische knopen worden gebruikt, kan de deskundige herkennen uit welke regio de tapijten afkomstig zijn. Oorspronkelijk werden ze vervaardigd voor symbolische doeleinden of voor huishoudelijk gebruik. Vezels van wol, katoen of zijde, die door plantaardige kleurstoffen hun betoverende glans kregen, werden met veel moeite met de hand verwerkt. Rood, geel, groen, zwart, oranje, geel en blauw zijn de kleuren van de historische Perzische tapijten. Ook de patronen verschillen naargelang de productiegebieden. Traditioneel heeft een Perzisch tapijt een centraal middenveld, waarrond de rest is opgebouwd. Bij het knopen werd bijzonder veel waarde gehecht aan een evenwicht in het patroon. Symmetrie was het hoogste gebod.
De ontwikkeling en verspreiding van het Perzische tapijt
Omdat deze tapijten zo ongelooflijk mooi waren, duurde het niet lang voordat het ook in Europese landen in de mode kwam om zijn landgoed te versieren met een Perzisch tapijt. Daarom werden ze door de Perzische heersers graag geschonken als diplomatieke geschenken aan de Europese vorsten. Hoe populair ze waren, blijkt wel uit het feit dat de Poolse prins Czartotsky enkele exemplaren uit zijn persoonlijke collectie tentoonstelde op de Wereldtentoonstelling van 1878 in Parijs.
In de 19e en 20e eeuw evolueerde de Perzische tapijtproductie in de richting van ambachtelijke vervaardiging. Om de negatieve gevolgen van de massaproductie, die tot kwaliteitsverlies zou hebben geleid, tegen te gaan, werden door de overheid strenge wetten uitgevaardigd. Al in 1936 werd de nationale tapijtvereniging opgericht, die zich ten doel stelde het beste van de ambachtelijke traditie te behouden. Dit plan is geslaagd, want in 2010 werd de „traditionele kunst van het tapijtknopen“ opgenomen in de lijst van immaterieel cultureel erfgoed van de mensheid. Inmiddels dienen patronen en kleuren ook als voorbeeld voor machinaal vervaardigde tapijten, die uiteraard veel goedkoper zijn dan de handgemaakte tapijten. Daar staat tegenover dat ze natuurlijk niet de charme van de echte exemplaren hebben.
De term ‘Perzisch tapijt’ staat ook vandaag de dag nog steeds voor kwaliteit en authenticiteit. De namen van de afzonderlijke tapijten verraden de kenner de plaats van vervaardiging, de belangrijkste gebruikte kleuren en de meest voorkomende motieven.
Oosterse tapijten hebben vanwege hun dichtheid verschillende benamingen; zo spreekt men bij Perzische tapijten ook wel van Nain-, Isfahan- of Ghom-tapijten. Nain-tapijten hebben een ongelooflijke knoopdichtheid van 1.000.000 knopen per vierkante meter. Het oppervlak voelt bijna net zo soepel en glad aan als zijde. Isfahan-tapijten zijn met een knoopdichtheid van 650.000 knopen per vierkante meter en meer van zeer hoge kwaliteit en behoren daarom, naast Nain-tapijten, tot de allerbeste die er zijn.